Wanneer iemand overlijdt, krijgt de partner (en soms de kinderen) te maken met verschillende nabestaandenvoorzieningen. Die vallen grofweg in drie pijlers:
- Publieke pijler – ANW (Algemene Nabestaandenwet).
- Collectieve pijler – nabestaanden- of partnerpensioen uit het werkgeverspensioen.
- Individuele pijler – eigen pensioenopbouw via lijfrente, banksparen of beleggingen.
Door de Wet Toekomst Pensioenen verandert vooral pijler 2; de andere pijlers blijven grotendeels gelijk.
ANW (Algemene Nabestaandenwet)
Overzicht ANW (Algemene Nabestaandenwet)
| Kernpunt | Uitleg |
|---|---|
| Voor wie? | Partner jonger dan AOW-leeftijd die óf kinderen onder 18 verzorgt óf voor minimaal 45% arbeidsongeschikt is. |
| Voorwaarden | Overledene was op dag van overlijden verzekerd voor ANW (woonachtig of werkend in Nederland). |
| Hoogte | Maximaal € 1.437,93 bruto per maand (per 1 juli 2025, zonder loonheffingskorting). |
| Duur | Tot AOW-leeftijd van nabestaande of vervallen van recht (bijv. bij hertrouwen of als het kind 18 wordt). |
| Wezenuitkering | Voor kinderen onder 21 jaar, maximaal € 404,04 bruto per maand (per 1 juli 2025). |
Nabestaanden- of partnerpensioen uit het werkgeverspensioen
Partnerpensioen vóór en ná Wet Toekomst Pensioenen
| Situatie | Regeling tot 1 juli 2023 | Nieuwe regels vanaf 1 juli 2023 |
|---|---|---|
| Overlijden vóór pensioendatum | Afhankelijk van dienstjaren en salaris (opbouw). | Risicodekking: vast percentage (max. 50%) van laatstverdiende salaris, niet meer afhankelijk van opbouwduur. |
| Overlijden ná pensioendatum | Afhankelijk van keuzes bij pensionering (ouderdoms- of partnerpensioen). | Ongewijzigd: keuzevrijheid blijft behouden. |
| Wezenpensioen | Veelal 14–20% tot 18 of 25 jaar. | Maximaal 20% tot 25 jaar, uniform vastgelegd. |
Individuele pensioenopbouw en overlijden
Is er een lijfrente opgebouwd als aanvullend pensioen? Dan geldt het volgende:
Individuele pensioenproducten en overlijden
| Product | Overlijden vóór ingangsdatum | Overlijden ná ingangsdatum |
|---|---|---|
| Lijfrenteverzekering | Uitkering aan begunstigde(n); afhankelijk van polis. Mogelijk erf- en/of inkomstenbelasting verschuldigd. | Uitkering stopt of wordt (gedeeltelijk) voortgezet afhankelijk van gemaakte afspraken. |
| Banksparen (lijfrente) | Kapitaal gaat naar nabestaandenrekening en moet binnen 12 maanden worden omgezet naar uitkerende variant. | Lopende uitkeringen gaan in principe door; partner kan mogelijk voortzetten. |
| Beleggingsrekening (vrij vermogen) | Vervalt aan de nalatenschap. Erfbelasting kan verschuldigd zijn. | Zelfde als bij overlijden vóór de ingangsdatum. |