Moneywise onderzoek 2021
Onderzoek: slechts 1 op de 5 tweeverdieners kan meer lenen in 2021
Elk najaar maakt het Nibud de nieuwe financieringslastnormen bekend, waarmee banken bepalen wat de maximale hypotheek is bij een bepaalde rente en een bepaald inkomen. Voor 2021 leek dat goed nieuws voor tweeverdieners: het tweede inkomen telt voortaan voor 90% mee in plaats van 80%. Moneywise onderzocht wat dit in de praktijk betekent voor de maximale hypotheek.
Kerncijfers
- 1 op de 5 tweeverdieners kan in 2021 met hetzelfde inkomen (iets) meer lenen
- 1 op de 10 bij inkomens van € 36.000 tot € 72.000 (modaal tot 2 keer modaal) kan meer lenen
- 1 op de 8 kan in 2021 minder lenen dan in 2020 met hetzelfde inkomen
- € 15.000 extra leencapaciteit die sommige AOW'ers in 2021 krijgen
Conclusies
-
Slechts 1 op de 5 kan meer lenen
Ondanks dat het tweede inkomen zwaarder meetelt, kan van alle doorgerekende inkomensvarianten maar 1 op de 5 in 2021 daadwerkelijk meer lenen dan in 2020. Zonder de door het Nibud verwachte cao-loonstijging van 1,4% zou dat aandeel nog kleiner zijn.
-
Modaal tot 2 keer modaal profiteert het minst
Bij inkomens van € 36.000 tot € 72.000, ofwel modaal tot 2 keer modaal, kan slechts 1 op de 10 huishoudens meer lenen dan in 2020.
-
1 op de 8 kan minder lenen
Voor 1 op de 8 doorgerekende inkomensvarianten valt de maximale hypotheek in 2021 juist lager uit dan in 2020. Het scheelt soms wel € 10.000.
-
AOW'ers kunnen fors meer lenen
Het persbericht noemt AOW'ers met een gezamenlijk inkomen tot € 33.000 als groep die in 2021 soms wel € 15.000 meer kan lenen. Het latere artikel op de site noemt voor gepensioneerden een inkomensgrens tot € 51.000 bij hetzelfde voordeel.
-
Ongelijke leencapaciteit bij bijna gelijke inkomens
Ook tussen tweeverdieners met eenzelfde gezamenlijk inkomen ontstaan grote verschillen, afhankelijk van hoe dat inkomen over de partners is verdeeld. Een klein verschil in de onderlinge verdeling kan duizenden euro's verschil in maximale hypotheek betekenen.
-
Alleenstaanden lenen meer dan tweeverdieners met hetzelfde inkomen
Een alleenstaande met een inkomen van € 50.000 kan meer lenen dan tweeverdieners die samen ook € 50.000 verdienen, ook al houden tweeverdieners netto per maand meer over. Dit komt doordat het tweede inkomen tot en met 2022 nog niet volledig meetelt; pas in 2023 telt het tweede inkomen voor 100% mee.
Alleenstaande versus tweeverdieners
Een alleenstaande met een inkomen van € 50.000 kan in 2021 ruim € 6.300 meer lenen dan tweeverdieners die elk € 25.000 verdienen, terwijl hun gezamenlijke inkomen gelijk is.
| Alleenstaande | Tweeverdieners | |
|---|---|---|
| Inkomen 1 | € 50.000,00 | € 25.000,00 |
| Inkomen 2 | € 0,00 | € 25.000,00 |
| Verzamelinkomen | € 50.000,00 | € 50.000,00 |
| Toetsinkomen | € 50.000,00 | € 45.000,00 |
| Toetsrente | 1,10% | 1,10% |
| WoonQuote | 19,0% | 18,5% |
| Max hypotheek | € 242.654,00 | € 236.268,00 |
Voorbeeld 2: bijna gelijk inkomen, groot verschil in leencapaciteit
Stel 1 verdeelt een gezamenlijk inkomen van € 50.000 als € 30.000 en € 20.000, stel 2 als € 29.000 en € 21.000. In 2020 konden beide stellen evenveel lenen. In 2021 kan stel 1 € 6.385 meer lenen, terwijl de maximale hypotheek van stel 2 niet verandert.
| Stel 1 | Stel 2 | |
|---|---|---|
| Inkomen 1 | € 30.000,00 | € 29.000,00 |
| Inkomen 2 | € 20.000,00 | € 21.000,00 |
| Verzamelinkomen | € 50.000,00 | € 50.000,00 |
| Toetsinkomen | € 46.000,00 | € 47.900,00 |
| Toetsrente | 1,10% | 1,10% |
| WoonQuote | 18,5% | 18,5% |
| Max hypotheek | € 236.268,00 | € 236.268,00 |
| Stel 1 | Stel 2 | |
|---|---|---|
| Inkomen 1 | € 30.000,00 | € 29.000,00 |
| Inkomen 2 | € 20.000,00 | € 21.000,00 |
| Verzamelinkomen | € 50.000,00 | € 50.000,00 |
| Toetsinkomen | € 48.000,00 | € 75.900,00 |
| Toetsrente | 1,10% | 1,10% |
| WoonQuote | 19,0% | 18,5% |
| Max hypotheek | € 242.653,00 | € 236.268,00 |
| Effect leencapaciteit | + € 6.385,00 | € 0,00 |
Het toetsinkomen van stel 2 in 2021 staat in het origineel als € 75.900,00. Dat lijkt een fout in het persbericht: op basis van de overige cijfers hoort hier vermoedelijk € 47.900,00 te staan. Hier letterlijk overgenomen uit het origineel.
Voorbeeld 3: gezamenlijk inkomen € 78.000
Stel 1 verdeelt € 78.000 als € 58.000 en € 20.000, stel 2 als € 57.000 en € 21.000. Stel 1 kan in 2021 hetzelfde bedrag lenen als in 2020, terwijl de maximale hypotheek van stel 2 met € 10.750 daalt.
| Stel 1 | Stel 2 | |
|---|---|---|
| Inkomen 1 | € 58.000,00 | € 57.000,00 |
| Inkomen 2 | € 20.000,00 | € 21.000,00 |
| Verzamelinkomen | € 78.000,00 | € 78.000,00 |
| Toetsinkomen | € 74.000,00 | € 73.800,00 |
| Toetsrente | 1,40% | 1,40% |
| WoonQuote | 22,0% | 22,0% |
| Max hypotheek | € 420.165,00 | € 420.165,00 |
| Stel 1 | Stel 2 | |
|---|---|---|
| Inkomen 1 | € 58.000,00 | € 57.000,00 |
| Inkomen 2 | € 20.000,00 | € 21.000,00 |
| Verzamelinkomen | € 78.000,00 | € 78.000,00 |
| Toetsinkomen | € 76.000,00 | € 75.900,00 |
| Toetsrente | 1,40% | 1,40% |
| WoonQuote | 22,0% | 21,5% |
| Max hypotheek | € 420.165,00 | € 410.616,00 |
| Effect leencapaciteit | € 0,00 | -€ 10.750,00 |
Voorbeeld 4: gezamenlijk inkomen € 70.000
Stel 1 verdeelt € 70.000 als € 50.000 en € 20.000, stel 2 als € 49.000 en € 21.000. Stel 1 kan in 2021 € 8.221 meer lenen, terwijl de maximale hypotheek van stel 2 gelijk blijft.
| Stel 1 | Stel 2 | |
|---|---|---|
| Inkomen 1 | € 50.000,00 | € 49.000,00 |
| Inkomen 2 | € 20.000,00 | € 21.000,00 |
| Verzamelinkomen | € 70.000,00 | € 70.000,00 |
| Toetsinkomen | € 66.000,00 | € 65.800,00 |
| Toetsrente | 1,70% | 1,70% |
| WoonQuote | 22,0% | 22,0% |
| Max hypotheek | € 361.707,00 | € 361.707,00 |
| Stel 1 | Stel 2 | |
|---|---|---|
| Inkomen 1 | € 50.000,00 | € 49.000,00 |
| Inkomen 2 | € 20.000,00 | € 21.000,00 |
| Verzamelinkomen | € 70.000,00 | € 70.000,00 |
| Toetsinkomen | € 68.000,00 | € 67.900,00 |
| Toetsrente | 1,70% | 1,70% |
| WoonQuote | 22,5% | 22,0% |
| Max hypotheek | € 369.928,00 | € 361.707,00 |
| Effect leencapaciteit | + € 8.221,00 | € 0,00 |
Zo hebben we het onderzocht
Dit onderzoek is gebaseerd op de werkelijke tarieven, uitkeringen en regels op het moment van onderzoek, met deze uitgangspunten:
- Ruim 70.000 verschillende inkomensvarianten doorgerekend
- Nibud-financieringslastnormen van 2020 vergeleken met die van 2021
- Tweede inkomen telt in 2021 voor 90% mee in het toetsinkomen, in 2020 was dat 80%
- Toetsrente en woonquote per inkomensvariant ontleend aan de Nibud-tabellen van het betreffende jaar
Minister Kajsa Ollongren liet de Tweede Kamer weten dat tweeverdieners in 2021 meer kunnen lenen, op voorwaarde dat de lonen met 1,4% stijgen (de door het Nibud verwachte cao-loonstijging). Zonder die loonstijging vallen de uitkomsten voor een deel van de huishoudens lager uit. De berekening van de maximale hypotheek is complex: naast het gezamenlijke inkomen spelen ook de onderlinge verdeling van de inkomens en de toetsrente een rol, waardoor huishoudens met een vrijwel gelijk inkomen toch een andere maximale hypotheek kunnen krijgen.